Juridische termen

Advocaat
Een advocaat is een rechtsbijstandverlener die is beëdigd door de Rechtbank. Advocaat is een wettelijk beschermde titel die niet door anderen gevoerd mag worden. Bij veel gerechtelijke procedures is bijstand door een advocaat wettelijk verplicht; bij bestuursrechtelijke en strafrechtelijke procedures en bij de Kantonrechter is dat niet verplicht.

Alimentatie
Alimentatie is de bijdrage die een onderhoudsplichtige betaalt ten behoeve van een onderhoudsgerechtigde die daar behoefte aan heeft. Wie jegens wie onderhoudsplichtig is, wordt geregeld in de artikelen 392 en verder van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek. Ouders zijn jegens hun kind onderhoudsplichtig tot het kind 21 jaar is.

Besluit
Een besluit is een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan aangaande een publiekrechtelijke rechtshandeling. Een besluit wordt beschikking genoemd als het niet van algemene strekking is. Tegen een besluit kan veelal bezwaar of beroep worden ingesteld, binnen een bepaalde termijn. Besluiten waartegen geen beroep ingesteld kan worden, staan bijvoorbeeld genoemd in artikel 20.2 van de Wet milieubeheer.

Bestuursrecht
Bestuursrecht regelt de wijze waarop de overheid jegens de burgers dient te handelen bij het nemen van besluiten, bijvoorbeeld bij aanvragen en verlening van een vergunning, en regelt de rechtsbescherming tegen de overheid. Algemene regels met betrekking tot het maken van bezwaar en het instellen van beroep tegen besluiten van overheidsorganen worden geregeld in de Algemene Wet Bestuursrecht.

Burgerlijk Wetboek
Het civiele of burgerlijke recht is vastgelegd in het Burgerlijk Wetboek (BW). Voor hele specifieke juridische zaken zijn er bijzondere wetten, zoals het Wetboek van Koophandel, waarvan de artikelen bij herziening vaak als nieuwe artikelen worden opgenomen in het Burgerlijk Wetboek, dat dus steeds verder wordt uitgebreid en dat zich blijft ontwikkelen.

Cassatie
Hoger beroep in cassatie wordt ingesteld bij de Hoge Raad der Nederlanden in Den Haag. In hoger beroep in cassatie wordt de zaak niet opnieuw feitelijk beoordeeld; de Hoge Raad toetst slechts of de zaak in juridische zin correct is beoordeeld (of sprake is van “schending van het recht”). Overigens zal niet iedere kleinigheid tot cassatie leiden. Indien de Hoge Raad van mening is dat een klacht niet tot cassatie leidt en de kwestie niet hoeft te worden beoordeeld in het belang van de rechtseenheid of rechtsontwikkeling, zal de Hoge Raad de zaak afdoen met de enkele vermelding daarvan.

Causaal verband
Voor aansprakelijkheid en schadeplichtigheid is vereist dat een oorzakelijk verband bestaat tussen iemands handelen of iemands nalatigheid en de geleden schade. Dat wordt causaliteit genoemd.

Cautie
Voorafgaand aan een verhoor dient te politie aan de verdachte mee te delen dat de verdachte niet tot antwoorden verplicht is; dat wordt de cautie genoemd in het strafrecht. In het civiele recht is de cautie de zekerheidstelling voor proceskosten door een eisende partij die geen woonplaats in Nederland heeft.

Civiel recht
Civiel recht of privaatrecht is burgerlijk recht, dat de rechtsverhouding tussen burgers onderling regelt. Het civiele recht is voor het belangrijkste deel vastgelegd in het Burgerlijk Wetboek, dat is ingedeeld naar rechtsgebieden. Boek 1 regelt het personen- en familierecht; boek 2 geeft regels voor rechtspersonen (zoals de B.V. en de N.V.); boek 3 geeft algemene regels voor vermogensrecht; boek 4 regelt het erfrecht; boek 5 regelt het goederenrecht (‘zakenrecht’); boek 6 regelt het verbintenissenrecht; boek 7 en 7A geven regels over bijzondere overeenkomsten (zoals huur, koop, aanneming van werk, verzekering); boek 8 regelt het vervoersrecht.

Conservatoir beslag
Beslag dat voorafgaand aan of tijdens een gerechtelijke procedure wordt gelegd om te voorkomen dat verhaalsmogelijkheden aan verhaal zullen worden onttrokken. Wanneer in die gerechtelijke procedure de rechter de vordering van de eiser geheel of gedeeltelijk toewijst, gaat conservatoir beslag over in executoriaal beslag en kan verhaal plaatsvinden op de in beslag genomen goederen of gelden.

Convenant
Een convenant is een contractuele vastlegging van afspraken. Een contract tussen de betrokkenen wordt een convenant genoemd in bijvoorbeeld het echtscheidingsrecht en in het milieurecht.

Dagvaarding
Een dagvaarding is het processtuk waarmee een juridische procedure kan worden ingeleid en waarmee de verwerende partij (de ‘gedaagde’) in de procedure wordt opgeroepen te verschijnen en verweer te voeren tegen de vordering die in die dagvaarding staat omschreven.

Executoriale titel
Een voor tenuitvoerlegging vatbaar juridisch document, zoals een gerechtelijke uitspraak (vonnis of een beschikking) of een notariële akte (bijvoorbeeld een hypotheekakte) of een door een daartoe bevoegd overheidsorgaan uitgevaardigd dwangbevel.

Faillissement
Wanneer een schuldenaar schulden bij meerdere schuldeisers onbetaald laat, kan hij door de rechtbank failliet verklaard worden. Er geldt dan een algeheel beslag op het gehele vermogen van de schuldenaar, die dan de failliet genoemd wordt. De rechtbank stelt een curator aan, die, onder toezicht van de rechter-commissaris, het vermogen van de schuldenaar (‘faillissementsboedel’) gaat beheren en vereffenen voor de gezamenlijke schuldeisers. Door het faillissement vervallen afzonderlijke beslagen en tenuitvoerleggingen. Een faillissement kan worden voorafgegaan door surséance (algemeen uitstel) van betaling.

Gesloten deuren
Wanneer een terechtzitting niet openbaar is in verband met de privacy van betrokkenen, zoals in het personen- en familierecht en bij berechting van kinderen, vindt de behandeling plaats ‘achter gesloten deuren’, zonder publiek. Alleen personen die door de rechter worden toegelaten, mogen dan de zitting bijwonen. Een openbare terechtzitting mag worden bijgewoond door iedereen vanaf 18 jaar; onder de 18 jaar mag dat alleen na toestemming van de rechter en onder begeleiding van een volwassene.

Getuige
Partijen in een gerechtelijke procedure kunnen bewijs leveren door getuigen te laten horen door de rechter. Getuigen zijn mensen die kunnen verklaren of een door een partij gestelde omstandigheid al dan niet heeft plaatsgevonden en hoe dat is geschied. Een volgens wettelijk voorschrift opgeroepen getuige is verplicht om bij de rechter te verschijnen. De getuige wordt door de rechter beëdigd en moet de waarheid spreken. Een getuige die liegt, pleegt het misdrijf meineed. Een getuige kan verklaren dat hij zich iets niet herinnert. Een getuige kan ter terechtzitting zijn kosten opgeven, dat wordt de taxe genoemd.

Griffier
De griffier is een beëdigde medewerker van de griffie, de administratieve ondersteuning van de rechtbank. De griffier maakt een verslag van de terechtzitting, dat wordt vastgelegd in een proces-verbaal. Ook worden vonnissen vaak door een griffier uitgewerkt. Voor de behandeling van een civiele of bestuursrechtelijke procedure zijn vaak leges verschuldigd, het zogeheten griffierecht, dat aan de griffier wordt afgedragen.

Hoger beroep
Een procespartij die het niet eens is met een uitspraak van een rechter, kan in de meeste gevallen tegen die uitspraak hoger beroep instellen. De zaak wordt dan voorgelegd aan het Gerechtshof, dat de zaak opnieuw inhoudelijk kan beoordelen. De werking van een vonnis waartegen hoger beroep is ingesteld, wordt niet altijd opgeschort.

Jury
Een jury bestaat uit rechtsprekende burgers. Juryrechtspraak is in Nederland afgeschaft in de tijd van Napoleon, toen Nederland werd ingelijfd bij Frankrijk en het rechtssysteem van de ‘code civil’ werd overgenomen, waarin het recht is vastgelegd in wetboeken en professionele rechters rechtspreken.

Kort geding
Een snelle procedure waarin aan de rechtbank een voorlopige voorziening gevraagd wordt in een kwestie met een spoedeisend belang.

Levenslang
Gevangenisstraf kan in bepaalde gevallen worden opgelegd voor de gehele duur van het leven van de veroordeelde. Levenslang is ook echt levenslang.

Maatregel
Een strafrechter kan naast een straf ook een maatregel opleggen, bijvoorbeeld plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis (TBS) of het innemen van het rijbewijs.

Misdrijf en overtreding
Strafrechtelijke vergrijpen of delicten zijn onder te verdelen in zware en minder ernstige delicten. Lichte vergrijpen worden overtredingen genoemd en worden berecht door de kantonrechter. Zware vergrijpen worden misdrijven genoemd en worden door de strafrechter berecht. De zwaarste misdrijven worden berecht door een meervoudige strafkamer, die uit drie rechters bestaat. Lichtere misdrijven worden berecht door een alleensprekende rechter, de politierechter, die straffen kan opleggen tot een jaar gevangenisstraf.

Niet-ontvankelijk
Om formele redenen, zoals wanneer een vordering niet op de juiste wijze bij een rechter aangebracht wordt, of iemand niet het recht heeft de vordering in te stellen, kan de rechter een procespartij niet-ontvankelijk verklaren in diens vordering. De rechter spreekt dan geen inhoudelijk oordeel uit en de zaak is daarmee afgedaan.

Procesrisico
Aan het voeren van een gerechtelijke procedure zijn (financiële) risico’s verbonden. Procederen is mensenwerk en de beoordeling van de zaak geschiedt door mensen, die soms feiten en omstandigheden verschillend uitleggen. Ook verklaren getuigen niet altijd wat procespartijen verwachten. Wanneer een procespartij in het ongelijk gesteld wordt, kan deze worden veroordeeld in een bijdrage in de kosten van de wederpartij.

Rechtbank
Juridische geschillen worden in eerste instantie (‘eerste aanleg’) behandeld door de rechtbank. Iedere rechtbank bestaat uit verschillende sectoren; de sector kanton, de sector civiel recht, de sector bestuursrecht en de sector strafrecht.

Repliek en dupliek
Dat is de benaming voor de reactie die partijen geven op hetgeen gesteld is door de eisende partij in de dagvaarding en door de gedaagde partij in zijn antwoord.

Rolzitting
De door de rechter te behandelen zaken staan op een lijst (‘rol’) en op een administratieve rolzitting beslist de rechter over de voortgang van een zaak. De communicatie daarover verloopt schriftelijk, u hoeft daar niet persoonlijk bij aanwezig te zijn.

Snelrecht
Een in het strafrecht toegepaste versneld afgewikkelde procedure, waarbij de verdachte binnen een paar dagen na het misdrijf voor de rechter moet verschijnen. Snelrecht wordt toegepast in het kader van het zogenoemde lik-op-stukbeleid bij zaken die eenvoudig van aard zijn, zoals voetbalvandalisme.

Strafblad
Het strafblad vermeldt in het Justitieel Documentatieregister iemands door de rechter uitgesproken veroordeling voor een misdrijf of een overtreding. Een boete voor een verkeersovertreding komt niet op het strafblad. Een transactievoorstel voor een misdrijf wordt wel vermeld in het Justitieel Documentatieregister (zie ook: www.justid.nl).

Strafrecht
Burgers of organisaties die verdacht worden van een strafbaar feit, kunnen door de overheid (het Openbaar Ministerie) worden vervolgd. Feiten worden strafbaar gesteld in het Wetboek van Strafrecht en in bijzondere wetten zoals de Opiumwet. Het strafprocesrecht, de wijze waarop de vervolging en berechting plaatsvindt, wordt geregeld in het Wetboek van Strafvordering.

Taakstraf
Een strafrechter kan naast of in plaats van een vrijheidsstraf een taakstraf opleggen. Dat kan een werkstraf of een leerstraf of een combinatie van beide zijn. Het opgelegde aantal uren is gebonden aan een maximum. Dat is voor een werkstraf 240 uren, voor een leerstraf 480 uren. Bij combinatie van leer- en werkstraf is het totaal maximaal 480 uren. Wie een opgelegde taakstraf niet verricht, moet meestal alsnog een celstraf uitzitten.

Toevoeging
Iemand die onvoldoende inkomsten en vermogen heeft om de kosten van rechtsbijstand zelf te kunnen dragen, kan een beroep doen op door de overheid gefinancierde rechtsbijstand. De Raad voor Rechtsbijstand (zie voor de criteria: www.rechtsbijstand.nl/over-mediation-en-rechtsbijstand/voorwaarden/inkomen) voegt dan een advocaat toe aan de rechtzoekende, de cliënt.

Toga
De toga is een zwart ambtskleed, met een bijbehorende witte bef. Een toga wordt volgens wettelijk voorschrift gedragen door rechters, advocaten en officieren van justitie tijdens de terechtzitting. De toga heeft een symbolische betekenis, waardoor de functie van de rechter, van de officier en van de advocaat wordt benadrukt.

Uitvoerbaar bij voorraad
In principe wordt de werking van een vonnis opgeschort wanneer tegen een vonnis hoger beroep wordt ingesteld. De rechter kan aan een hoger beroep die opschortende werking ontnemen door te bepalen dat een vonnis uitvoerbaar bij voorraad is. Een partij die een vonnis tenuitvoerlegt, kan schadeplichtig zijn wanneer dat vonnis alsnog in hoger beroep vernietigd wordt.

Verschoningsrecht
Iemand behoeft geen belastende verklaring af te leggen over zijn of haar echtgenoot, geregistreerd partner of een naaste familielid; dit heet ‘verschoningsrecht’. Verschoningsrecht geldt ook voor mensen die een geheimhoudingsplicht hebben, omdat zij een bepaald ambt of beroep uitoefenen, zoals een notaris, een advocaat of een arts.

Verstek
Wanneer een procespartij niet verschijnt in een procedure waarin hij is betrokken, wordt tegen deze partij verstek verleend door de rechter. De rechter doet dan uitspraak zonder rekening te kunnen houden met de mening van deze partij.

Vormfout
In het strafrecht komt het voor dat door het Openbaar Ministerie procedurele voorschriften worden overtreden; dat wordt een vormfout genoemd. Fouten kunnen vaak worden hersteld. Als een vormfout zo ernstig is dat een verdachte wezenlijk in zijn verdediging is geschaad, kan het Openbaar Ministerie ‘niet ontvankelijk’ worden verklaard en vindt er geen veroordeling plaats. Minder nadelige vormfouten leiden tot strafvermindering en vormfouten die niet nadelig zijn, hebben geen gevolgen.

Wanprestatie
Wanprestatie is een term die stamt uit het oude Burgerlijk Wetboek maar die nog steeds gebruikt wordt voor een toerekenbare tekortkoming in de nakoming van een overeengekomen verplichting.

Wraking
Wanneer een betrokken partij veronderstelt dat een bepaalde rechter de zaak niet onpartijdig kan beoordelen, kan worden verzocht aan het rechterlijke college om die rechter te vervangen. Dat wordt een verzoek tot wraking genoemd.

Zwijgrecht
Een van een strafbaar feit verdachte persoon hoeft zichzelf niet te belasten, is niet verplicht om iets te verklaren en heeft het recht om te zwijgen.

Volg ons op facebook